Een moment dat je nooit meer loslaat
Een moeder die haar kind onder een auto ziet liggen. Een vader die het lichaam van zijn dochter aantreft na een geweldsmisdrijf. Een broer die getuige is van het ongeval waarbij zijn zus om het leven komt. Dit soort beelden verdwijnen niet. Ze kunnen leiden tot serieuze psychische schade bij mensen die niet direct bij het ongeval betrokken zijn, maar er wel getuige van waren of ermee werden geconfronteerd.
Deze schade heeft een naam: shockschade.
Onder voorwaarden kan hiervoor een vergoeding worden gevorderd, los van de vergoeding die het directe slachtoffer (of zijn nabestaanden) al ontvangt.
Het juridisch kader: artikel 6:106 BW
De grondslag voor shockschade is artikel 6:106 van het Burgerlijk Wetboek. Dit artikel regelt wanneer iemand recht heeft op vergoeding van nadeel dat niet uit vermogensschade bestaat, waaronder lichamelijk letsel of een andere aantasting in de persoon.
De redenering is als volgt. Wie door het overtreden van een veiligheids- of verkeersnorm een ernstig ongeval veroorzaakt, handelt niet alleen onrechtmatig tegenover degene die daardoor gewond raakt of overlijdt. Diezelfde gedraging kan ook een zelfstandige onrechtmatige daad opleveren tegenover iemand die daardoor zelf een hevige emotionele schok oploopt en daaraan geestelijk letsel overhoudt.
Het Taxibus-arrest: de basis
Deze mogelijkheid is voor het eerst uitgewerkt door de Hoge Raad in het bekende Taxibus-arrest uit 2002. Een moeder zag hoe haar jonge dochter door een achteruitrijdende vuilniswagen werd overreden. Zij hield hier zelf ernstig psychisch letsel aan over. De Hoge Raad oordeelde dat de bestuurder niet alleen onrechtmatig had gehandeld tegenover het overreden kind, maar ook tegenover de moeder.
Oorspronkelijk gold hiervoor het zogenoemde confrontatievereiste: de betrokkene moest rechtstreeks worden geconfronteerd met de omstandigheden waaronder het ongeval had plaatsgevonden, en die confrontatie moest een hevige schok hebben teweeggebracht. Dit deed zich volgens de Hoge Raad met name voor bij een nauwe affectieve band met het slachtoffer, zoals bij een moeder die haar kind op de plaats van het ongeval aantreft.
De koerswijziging: van strikt vereiste naar gezichtspunten
In 2022 heeft de Hoge Raad zijn eigen rechtspraak op dit punt gepreciseerd. Het strikte confrontatievereiste is niet langer een keihard criterium, maar één van meerdere gezichtspunten die in onderlinge samenhang worden beoordeeld.
Deze gezichtspunten zijn:
- De aard, de toedracht en de gevolgen van de onrechtmatige daad tegen het directe slachtoffer, waaronder de intentie van de dader en de ernst van het toegebrachte leed.
- De wijze waarop de getuige (in juridische termen: het secundaire slachtoffer) wordt geconfronteerd met de daad en de gevolgen daarvan. Daarbij telt onder meer of hij door fysieke aanwezigheid of op een andere manier onmiddellijk kennis kreeg van het gebeurde, of dat hij pas later met de gevolgen werd geconfronteerd, en of die latere confrontatie onverhoeds was.
- De aard en hechtheid van de relatie tussen het directe slachtoffer en de getuige. Zonder een nauwe relatie wordt niet snel onrechtmatigheid aangenomen.
Geen van deze gezichtspunten is op zichzelf beslissend. Ontbreekt bijvoorbeeld een directe, onverhoedse confrontatie, dan kan onrechtmatigheid nog steeds worden aangenomen als de overige omstandigheden voldoende zwaarwegend zijn. Dit betekent dat een latere confrontatie, zoals het identificeren van een lichaam in het mortuarium, onder omstandigheden toch voldoende kan zijn.
Geestelijk letsel moet objectief vaststaan
Een vergoeding voor shockschade wordt alleen toegekend voor de schade die daadwerkelijk voortvloeit uit geestelijk letsel. Dat letsel moet naar objectieve maatstaven zijn vastgesteld. Een diagnose van een in de psychiatrie erkend ziektebeeld is daarvoor niet strikt noodzakelijk: voldoende is dat een bevoegde deskundige, zoals een psychiater, huisarts of psycholoog, concludeert dat sprake is van geestelijk letsel dat naar aard, duur en gevolgen voldoende ernstig en objectiveerbaar is. Verdriet, rouw of het gemis van een naaste zijn op zichzelf niet voldoende om een vordering tot shockschade toegewezen te krijgen.
Shockschade is niet hetzelfde als affectieschade
Shockschade wordt vaak verward met affectieschade, maar het gaat om twee verschillende leerstukken. Shockschade ziet op de eigen psychische schade van iemand die het ongeval of de ernstige gevolgen daarvan zelf heeft waargenomen of ermee werd geconfronteerd.
Affectieschade is de vergoeding voor het verdriet van naasten om het overlijden of ernstig en blijvend letsel van een naaste, op grond van artikel 6:107 en 6:108 van het Burgerlijk Wetboek.
Deze twee vergoedingen kunnen naast elkaar worden gevorderd en sluiten elkaar niet uit.
Wat betekent dit voor u?
Bent u getuige geweest van een ernstig ongeval waarbij een naaste betrokken was, of bent u kort daarna geconfronteerd met de gevolgen? Dan kan er, naast de schadevergoeding voor het directe slachtoffer, ook ruimte zijn voor een eigen vordering wegens shockschade. Belangrijk daarbij is dat het geestelijk letsel objectief wordt vastgesteld, bijvoorbeeld door een huisarts, psycholoog of psychiater, en dat de omstandigheden van de confrontatie goed worden vastgelegd.
Tot slot
Shockschade erkent iets wat voor veel mensen vanzelfsprekend aanvoelt: dat het meemaken van een ernstig ongeval bij een naaste zelf ook slachtofferschap kan opleveren. De regels zijn de afgelopen jaren aanzienlijk verruimd, waardoor meer mensen dan voorheen in aanmerking kunnen komen voor een vergoeding.
Heeft u of iemand in uw omgeving een ernstig ongeval van dichtbij meegemaakt? Neem contact op met Heelmeesters Letselschade Advocatuur. Wij beoordelen graag of er in uw situatie ruimte is voor een vergoeding.
Lees ook onze andere blogs
Een hecht team
Bij Heelmeesters werken we met een klein en betrokken team. We kennen elkaar goed, werken nauw samen en ondernemen ook buiten het werk graag activiteiten met elkaar.
Die hechte samenwerking merkt u ook als cliënt: korte lijnen, duidelijke communicatie en een team dat zich gezamenlijk inzet voor uw zaak.




